Claimrealisatie

Deze indicator meet in hoeverre de ruimtelijke claims (de opgelegde vraag naar woningen, banen en verblijfsrecreatie) in de allocatie daadwerkelijk worden gerealiseerd, per allocatieregio. Het is vooral een diagnose-/controle-indicator: blijft de gerealiseerde stand achter bij de claim (onderrealisatie) of wordt de claim juist overschreden?

Rekenwijze

Per allocatieregio en per sector/subsector is de realisatiegraad de verhouding tussen de gealloceerde stand en de claim:

Claimrealisatie = Stand_in_regio / Claim_in_regio
  • Stand_in_regio = som van de gealloceerde stand over de cellen in de regio (Stand_PerAllocRegio).
  • Claim_in_regio = de claim (vraag) voor die regio en sector.

De ratio wordt bepaald voor wonen (per WP2×VSSH en totaal), werken (per Jobs6-sector en totaal) en verblijfsrecreatie. Een waarde van 1 betekent volledige realisatie; < 1 onderrealisatie; > 1 overrealisatie.

Reguliere, min- en max-claimrealisatie

Het model kent geen sloop. Bij rekenen met tussenjaren en concaaf verlopende claims kan dat in het eindzichtjaar een schijnbare overrealisatie geven: alles wat in eerdere zichtjaren is neergezet blijft staan, terwijl de claim van het laatste zichtjaar lager kan zijn. Daarom zijn er drie varianten:

Variant Noemer Wanneer informatief
Claim_realisatie claim van het betreffende zichtjaar Geen tussenjaren, of niet-concave claims.
MinClaim_realisatie bij landbouw de minimumclaim, daarbuiten de claim van het zichtjaar met de stand van het basisjaar als plafond Bij minimumclaims (landbouwmodellering).
MaxClaim_realisatie de claim van het zichtjaar, met de stand van het basisjaar als vloer Bij tussenjaren met concave claims; corrigeert de schijnbare overrealisatie door het ontbreken van sloop.

In deze configuratie is InDezeStudie = MaxClaim_realisatie, omdat er niet naar landbouw (minimumclaims) wordt gekeken en het ontbreken van sloop anders als overrealisatie zou verschijnen.

Deltas (onder-/overrealisatie)

Naast de ratio levert MaxClaim_realisatie/Deltas absolute en relatieve verschillen:

Onderrealisatie_absoluut = (Claim − beginstand) − (Stand − beginstand)
Onderrealisatie_relatief = Onderrealisatie_absoluut / (Claim − beginstand)

voor zowel woningen als banen, per allocatieregio.

CheckNL aggregeert de werken-claimrealisatie per Jobs6-sector over alle zichtjaren tot één nationale reeks, handig om in één oogopslag te zien of de werkgelegenheidsclaims landelijk gehaald worden.

Het basisjaar van de claims

Een realisatiegraad boven 1 betekent niet zonder meer dat het model te veel bouwt. De claims hebben een eigen basisjaar, en dat is inmiddels ouder dan de waargenomen voorraad. De TIGRIS-claims voor wonen en werken zijn opgesteld op een peildatum die achterloopt op de BAG en op LISA. Voor een deel van de regio’s ligt de voorraad in het startjaar daardoor al voorbij het claimdoel, en zeker na optelling van de BAG-nieuwbouw die in dezelfde periode is opgeleverd.

In zulke regio’s kan de realisatiegraad niet anders dan boven 1 uitkomen, ongeacht wat de allocatie doet, want de allocatie kan de stand alleen laten stijgen. Het allocatiedoel is max(restclaim, 0), dus een negatieve restclaim wordt op nul geknipt en nergens gecompenseerd; zie Overflow voor dat mechanisme en voor wat het landelijk betekent. Ze zeggen dus niets over de kwaliteit van de allocatie en horen bij de beoordeling apart gezet te worden. Dat gebeurt in ClaimRealisatie_Toets en ClaimRealisatie_Toets_Werken in Templates/Indicatoren.dms, die per regio kijken of de restclaim voor de allocatie al negatief was.

Claimrealisatie wonen 2030 per NVM-regio

Claimrealisatie wonen per NVM-regio

Hoe groot dat effect is, blijkt uit zichtjaar 2030 van de NL2120-casus WLO_hoog_NbSGenuanceerd. Bij wonen hadden 20 van de 76 NVM-regio’s hun claim al gehaald voordat de allocatie begon. Van de overige 56 zit 36 tussen 0,98 en 1,02, dertien eronder en zeven erboven. Het tekort van 131.974 woningen in de tekortkomende regio’s komt terug als 50.157 bij regio’s boven de norm en 77.539 bij regio’s die al gehaald waren; het saldo over alle regio’s is plus 9.785 op een restclaim van 599.692. De doorstroom naar hogere allocatieniveaus is dus behoudend.

Bij werken is het effect groter en goed zichtbaar per subsector. De landelijke realisatiegraad loopt exact mee met het aantal regio’s dat de claim al gehaald had:

Subsector Realisatiegraad Regio’s die de claim al gehaald hadden
Zakelijke dienstverlening 1,126 64 van 76
Nijverheid 1,050 56 van 76
Overige consumentendiensten 0,993 31 van 76
Logistiek 0,990 12 van 76
Overheid en kwartaire diensten 0,999 6 van 76
Detailhandel 0,993 3 van 76

Bij de regio’s die wel meetellen is het saldo bij alle zes subsectoren negatief, samen ruim 131.000 banen. De overschrijding komt dus volledig uit de regio’s waar de claim al gehaald was, en niet uit een systematische overallocatie.

De peiljaren verschillen ook tussen de bronnen. LISA levert de banen op een recenter peiljaar dan waarop de TIGRIS-claims zijn gebouwd. Bij het vergelijken van sectoren onderling is dat een factor om in het achterhoofd te houden.

Twee ingrepen volgen hieruit. Het eerste zichtjaar staat sinds #658 op 2040 in plaats van 2030, juist omdat de claim voor 2030 in veel regio’s onder de stand van het basisjaar lag en er dus alleen overrealisatie uit kon komen. En de claims houden na 2060 op: TIGRIS levert niet verder, en FromWhichDoWeKeepTIGRISconstant laat elk zichtjaar daarna dezelfde claimmap lezen. In de zichtjaren 2070 tot en met 2120 blijft de opgave dus staan op het niveau van 2060, waardoor de realisatiegraad daar vanzelf naar 1 of hoger loopt zodra de claim gehaald is. Dat is geen uitspraak over de allocatie. Zie Tijdsdynamiek.

Op welk schaalniveau je de indicator afleest

Omdat tekorten omhoog schuiven en overschotten blijven staan, zegt de realisatiegraad op het laagste niveau weinig over de vraag of de claim is gehaald. Hij zegt iets over hoe sterk een variant de vraag over regiogrenzen herverdeelt. De maat om te beoordelen of de claim landelijk is ingevuld is het hoogste niveau; de maat om te zien hoeveel er is verschoven is het verschil tussen de niveaus.

Gemeten op zichtjaar 2120 van de NL2120-casus, run van 1 september 2026 (tag oplevering_NL2120_20260901), wonen totaal:

Niveau n minimum maximum onder 0,95 boven 1,01
BAU, NVM 76 0,8789 1,1438 4 15
BAU, COROP 40 0,9616 1,0672 0 4
BAU, provincie 12 0,9856 1,0077 0 0
BAU, Nederland 1 0,9953 0,9953 0 0
NbSGenuanceerd, NVM 76 0,7327 1,7492 17 29
NbSGenuanceerd, COROP 40 0,8796 1,3165 6 12
NbSGenuanceerd, provincie 12 0,9637 1,0046 0 0
NbSGenuanceerd, Nederland 1 0,9948 0,9948 0 0

De spreiding klapt in beide varianten in naarmate je de ladder opgaat, en op provincieniveau ligt alles tussen 0,96 en 1,01. Dat is het overflowmechanisme dat zichtbaar wordt: wat een NVM-regio niet kwijt kan, wordt een niveau hoger bij een buurregio ingevuld.

Het verschil tussen de varianten zit in de mate van herverdeling en niet in de realisatie. NbSGenuanceerd laat 17 NVM-regio’s onder 0,95 achter tegen 4 bij BAU, en aan de ontvangende kant een regio op 1,75 tegen 1,14. Die variant legt meer natuur op en bouwt minder dicht, dus de woningvraag wijkt vaker uit naar een andere regio binnen dezelfde COROP of provincie. Wie alleen naar de NVM-kolom kijkt leest dat als een tekort, terwijl de claim wel degelijk wordt ingevuld.

Aannames en beperkingen

  • Geen sloop die uit de allocatie zelf volgt: hierdoor is MaxClaim_realisatie doorgaans de meest betrouwbare maat; de reguliere claimrealisatie kan in eindzichtjaren misleidend hoog zijn. Exogeen opgelegde ontwikkeling sloopt wel, zie Uitkoop en sloopkosten; die sloop komt als restclaim terug en wordt elders herbouwd.
  • Het basisjaar van de claims, zie de paragraaf hierboven. Zet regio’s waar de claim voor de allocatie al gehaald was apart voordat je de indicator leest.
  • Regio-niveau: de realisatie wordt per allocatieregio bepaald; binnen een regio kan de ruimtelijke verdeling alsnog afwijken.
  • Diagnostisch: de indicator stuurt de allocatie niet, maar maakt zichtbaar of de claims ruimtelijk inpasbaar waren.

  • Twee getallen onder dezelfde naam. Het Diagnose-harnas vult zijn claimreal-regels uit InDezeStudie, en dat is hier MaxClaim_realisatie; de csv-export per schaalniveau vult de kolommen Wonen_realisatie en Werken_realisatie uit Claim_realisatie, dus met de claim van het zichtjaar als noemer. In regio’s waar de claim onder de stand van het basisjaar ligt lopen die twee uiteen. Kijk dus eerst welke van de twee je voor je hebt voordat je een waarde citeert.

Configuratie

  • Indicator: /Indicatoren/<casus>/Zichtjaren/<jaar>/ClaimRealisatie (cfg/main/Templates/Indicatoren/ClaimRealisatie.dms).
  • Per regio: ClaimRealisatie/Per_AllocRegio/<regio> en …/Nederland.