Overstromingsschade
Terug naar Effectmodules en indicatoren
In Nederland bestaat het standaard Schade en Slachtoffermodel (HIS-SSM) voor het bepalen van schade en slachtoffers ten gevolge van overstromingen. Dit model is ook gebruikt bij het afleiden van de waterveiligheidsnormen die per 1 januari 2017 wettelijk zijn verankerd. De afgelopen jaren is het model geactualiseerd en verbeterd op basis van nieuwe data en inzichten (Slager & Wagenaar, 2017).
Dit model van Deltares is als effectmodule nagebouwd in de RuimteScanner, om dezelfde analyses uit te kunnen voeren maar dan op toekomstig ruimtegebruik. De implementatie volgt de technische documentatie van het SSM (Slager, 2016, Deltares 1230095-004-HYE-0009) en staat in Templates/SSM2017_Overstromingsschades.dms met de parameters in Templates/SSM2017_Overstromingsschades/Parameters.dms. De indicator wordt per casus en per zichtjaar uitgerekend, bijvoorbeeld onder /Indicatoren/WLO_hoog_NbSMax/Zichtjaren/Y2120/Overstromingsschade.
Opzet: drie watersystemen
De schade wordt voor drie watersystemen apart berekend, elk met een eigen waterdieptekaart en een eigen resultaatkaart:
| Watersysteem | Type | Waterdieptekaart |
|---|---|---|
| Hoofdwatersysteem binnendijks | primair beschermd dijkringgebied | Waterdiepte_B_PrimairBeschermd |
| Hoofdwatersysteem buitendijks | primair onbeschermd (uiterwaarden) | Waterdiepte_A_PrimairOnbeschermd |
| Regionaal watersysteem binnendijks | regionaal beschermd | Waterdiepte_C_RegionaalBeschermd |
Elk watersysteem doorloopt dezelfde categorieën en schadefuncties, maar tegen zijn eigen waterdiepte, en levert een eigen schadekaart op (Result_Hoofdwatersysteem_Binnendijks, Result_Hoofdwatersysteem_Buitendijks, Result_Regionaalwatersysteem_Binnendijks).
Waterdiepte
De waterdiepte komt uit de LIWO/Deltares maximale-waterdieptekaarten, per watersysteem (ontvangen van Deltares, 2026-01-29; gedefinieerd in SourceData/Water.dms). De brondata staat op 5 m in meters en wordt met een gemiddelde naar het 25 m-AdminDomain geaggregeerd (nodata -9999 wordt null). De letters A/B/C verwijzen naar het overstromingstype, het kaartnummer (4/5) naar de overstromingskans.
De oude landsdekkende kaart (dieptekaartOud, MaximaleWaterdiepteNederland_Kaart4, uit de Klimaateffectatlas) is hiermee vervangen en wordt niet meer door de actieve schadeberekening gebruikt.
Schadecategorieën
Per watersysteem wordt de schade gesommeerd over een lijst categorieën (in Parameters.dms). Ze vallen in vier groepen:
- Woningen: opstalschade (per m2 vloeroppervlak) en inboedelschade (per woning/verblijfsobject), elk gesplitst naar eengezins en meergezins (begane grond, eerste verdieping, hoger).
- Bedrijven: bijeenkomst, gezondheidszorg, industrie, kantoor, onderwijs, sport en winkel (per m2).
- Infrastructuur: rijksweg, autoweg, overige weg, elektrische en niet-elektrische spoorweg (per strekkende meter).
- Overig: landbouw, glastuinbouw, stedelijk gebied, extensieve en intensieve recreatie en vliegveld (per m2).
Het binnendijkse en het regionale watersysteem kennen alle 26 categorieën; buitendijks vallen landbouw en overige weg weg (22 categorieën).
Elke categorie heeft een maximale schade per eenheid (MaxDamage_Direct, s_i, in EUR per m2, per meter of per woning). Enkele representatieve waarden:
| Categorie | Maximale directe schade |
|---|---|
| Woning opstal | 1.000 EUR/m2 |
| Woning inboedel | 70.000 EUR/woning |
| Bedrijf industrie | 1.497 EUR/m2 |
| Rijksweg | 1.770 EUR/m |
| Spoorweg (elektrisch) | 5.400 EUR/m |
| Stedelijk gebied | 59,65 EUR/m2 |
| Glastuinbouw | 49 EUR/m2 |
| Landbouw | 1,83 EUR/m2 |
Schadeberekening per categorie
Per categorie en per cel wordt de schade berekend uit de waterdiepte, het aantal blootgestelde eenheden en de maximale schade per eenheid (PerCategorie_T):
Direct_i = α_i · η_i · s_i
Indirect_i = ((α_i · η_i · SN_i + (1 - α_i) · SB_i) · β_i · id · (1 - SF_i) · M_i) · (η_i > 0)
Totaal_i = Direct_i + Indirect_i
waarin:
α_ide directe schadefactor (0..1) is, die per cel uit de waterdiepte volgt via een depth-damage-curve;β_ide schadefactor voor bedrijfsuitval (indirecte schade) is, eveneens uit de waterdiepte;η_ihet aantal blootgestelde eenheden per cel is (m2, meter of aantal woningen, zie hieronder);s_ide maximale directe schade per eenheid is, enSN_i/SB_ide maximale netto/bruto indirecte schade per eenheid;id= 1 jaar (maximale bedrijfsuitvalduur),SF_i= 0 (substitutiefactor) enM_i= 1 (multiplier).
De depth-damage-curves staan als losse CSV-bestanden in SSM_Schadefuncties (per curve een tabel van waterdiepte in cm naar schadefactor 0..1, in stappen van 1 cm tot circa 5 m). Elke categorie verwijst via een Function-id naar de juiste curve; de factor wordt per cel met een rjoin op de waterdiepte opgezocht.
Indirecte schade (bedrijfsuitval) is alleen actief waar HeeftBU aan staat, en dat is uitsluitend voor de categorie Bedrijven in het hoofdwatersysteem binnendijks. Voor alle overige categorieën (en voor bedrijven buitendijks en regionaal) zijn β_i, SN_i en SB_i nul, zodat de indirecte schade daar 0 is en alleen directe schade overblijft.
De evacuatiecurve die in SSM_Schadefuncties aanwezig is, wordt expliciet uitgesloten. Er wordt dus geen evacuatie-reductie toegepast: de schade is bruto.
Blootgestelde eenheden: basisjaar versus zichtjaar
Het aantal eenheden η_i per categorie wordt per cel uit het ruimtegebruik gehaald, via een pad dat met een @YR@-token de basisjaar- of de zichtjaarbron kiest (Grondgebruik/StartSituatie of Grondgebruik/Zichtjaar).
In het basisjaar (Startsituatie):
- woningen en bedrijven uit de BAG (verblijfsobjecten en oppervlakten, met een laagopsplitsing voor meergezinswoningen);
- infrastructuur uit het NWB (wegen) en de BRT (spoor, met elektrificatie);
- overig en landbouw uit de CBS-landgebruikskaart (BBG).
In een zichtjaar (Zichtjaar, na allocatie):
- woningen uit het gealloceerde ontwikkelpakket (dichtheid en woonoppervlakte per pakket);
- bedrijven uit de gealloceerde werk-subsector (pandvoetafdruk per NVM-sector, vertaald naar de SSM-bedrijfscategorieën);
- stedelijk gebied bijgewerkt waar een ontwikkelpakket is gealloceerd; overige werkfuncties op de gealloceerde cellen op 0 gezet omdat het oppervlak nu onder de nieuwe functie valt;
- infrastructuur wordt niet opnieuw gealloceerd en is in het zichtjaar gelijk aan het basisjaar;
- cellen die onder de maatregel Overstromingsgevaarzones vallen worden op 0 gezet, wat modelleert dat daar geen nieuwe kwetsbare functies worden geplaatst.
Inwoners (en daarmee slachtoffers) zijn in deze module nog niet geïmplementeerd (uitgecommentarieerd). Overige objecten (kwetsbare objecten, rijksmonumenten, IED-installaties, KRW-beschermde gebieden) worden hooguit als getroffen aantallen of oppervlakten gerapporteerd, zonder monetaire schade.
Uitvoer
Per casus en zichtjaar worden de drie schadekaarten (EUR per 25 m-cel) als GeoTIFF weggeschreven:
%LocalDataProjDir%/Indicatoren/<casus>/SSM_Overstromingsschade_<watersysteem>_<zichtjaar>_<studiegebied>.tif
Daarnaast wordt in het geheugen het verschil ten opzichte van het basisjaar bepaald (*_tov_basisjaar), met aggregaties per provincie en voor heel Nederland. In het basisjaar zelf is dat verschil null.
De resultaten zijn bereikbaar onder /Indicatoren/<casus>/Zichtjaren/<zichtjaar>/Overstromingsschade/Resultaat/....
Aandachtspunten
- De bruto-indirecte term
(1 - α_i) · SB_iwordt, anders dan de netto-term, niet met het aantal eenhedenη_ivermenigvuldigd. In de standaard SSM-methodiek schaalt ook de indirecte schade met het aantal getroffen eenheden. Dit is een afwijking van het SSM die nog gecontroleerd moet worden. - Er wordt geen evacuatie-reductie toegepast (bruto schade).
- Slachtoffers en getroffenen worden nog niet berekend.