Vruchtbare landbouwgrond

Terug naar Effectmodules en indicatoren


Deze pagina legt uit wat in RSopen onder vruchtbare landbouwgrond wordt verstaan, en hoe de indicator VerdwenenVruchtbareLandbouw is opgebouwd (te vinden onder /Indicatoren/<casus>/Zichtjaren/<zichtjaar>/Grondgebruik/Verandering/VerdwenenVruchtbareLandbouw).

De ABCD-kaart

Het begrip vruchtbare landbouwgrond is in het model niet gebaseerd op de modeleigen landbouwgeschiktheid, maar op een aparte kaart die als databron is ontvangen van Wageningen University & Research (WUR). In het model heet deze de ABCD-kaart (SourceData/Grondgebruik/ABCD, ingelezen op 100 m).

De ABCD-kaart is een ruimtelijke ordening van het landelijk gebied die is opgebouwd uit een aantal thematische lagen, elk een eigen claim of kwaliteit van de grond:

  • Productiviteit (landbouwkundige productiviteit van de bodem)
  • Uitspoeling (gevoeligheid voor nutriënten- en stoffenuitspoeling)
  • Droogte (droogtegevoeligheid)
  • Veen (veengronden)
  • Drinkwater (drinkwaterbeschermingsgebieden)
  • Natuurherstel (kansen voor natuurherstel)
  • Beleving (landschappelijke belevingswaarde)
  • Agroparken (geschiktheid voor geconcentreerde, intensieve landbouw)

Deze lagen worden door WUR samengevoegd tot een overlay. Het model leest de gefilterde overlay (Overlay_gefilterd) en vertaalt die naar drie subklassen (ABCD_subK), waarbij waarde 1 klasse A wordt, waarde 2 klasse B_C1 en al het overige Overig:

  • A
  • B_C1
  • Overig

In de ABCD-systematiek staat klasse A voor de grond die het meest geschikt en waardevol is om als productieve landbouwgrond te behouden; B_C1 is een tussencategorie en Overig valt daarbuiten. De precieze definitie en de onderliggende methodiek van de klassen liggen bij de WUR-bronkaart; het model neemt de classificatie als gegeven over.

Van ASCII-grid naar modelraster

De acht thematische lagen en de twee overlays zijn aangeleverd als ASCII-grids waarvan de oorsprong niet op het RD-100m-raster ligt: de linkeronderhoek eindigt op 65,4 respectievelijk 46,198 meter. GeoDMS rondt zo een celoffset af naar de dichtstbijzijnde cel, waarschuwt daarover, en leest de vulwaarde -9999 als gewoon getal in plaats van als missing. Daarom staan de bronbestanden nu in een aparte container Bron, met daarnaast Maak, dat ze eenmalig omzet naar getegelde GeoTIFFs op het modelraster met -9999 als null. Het model leest die tifs. Wie ze opnieuw moet genereren, doet dat met studiegebied Nederland; een IntegrityCheck bewaakt dat, want de bestanden beslaan het hele land.

Wat is vruchtbare landbouwgrond in het model

In RSopen wordt vruchtbare landbouwgrond gelijkgesteld aan ABCD-klasse A. Dat is dus de hoogst gewaardeerde landbouwgrond uit de WUR-kaart, niet de optelsom van alle landbouw.

De indicator VerdwenenVruchtbareLandbouw

De indicator telt de cellen waar tussen het basisjaar en het zichtjaar (bijvoorbeeld 2120) vruchtbare landbouwgrond verloren is gegaan. Een cel telt mee als aan beide voorwaarden is voldaan:

  1. In het basisjaar was het landgebruik landbouw en in het zichtjaar niet meer (de bredere indicator VerdwenenLandbouw: IsLandbouw in het basisjaar, niet IsLandbouw in het zichtjaar).
  2. De cel ligt in ABCD-klasse A.

VerdwenenVruchtbareLandbouw is daarmee de deelverzameling van VerdwenenLandbouw die op de meest waardevolle landbouwgrond ligt. De landbouw kan zijn verdwenen door welke functieverandering dan ook (verstedelijking, natuur, water, enzovoort); de indicator kijkt alleen of de grond geen landbouw meer is.

De berekening staat in Templates/Indicatoren/Grondgebruik.dms:

VerdwenenLandbouw           = IsLandbouw(basisjaar) AND NOT IsLandbouw(zichtjaar)
VerdwenenVruchtbareLandbouw = VerdwenenLandbouw AND (ABCD-klasse == A)

Het resultaat is een kaart op 25 m (AdminDomain) die per cel aangeeft of daar vruchtbare landbouwgrond is verdwenen, en wordt als GeoTIFF weggeschreven.

Waar de verdwenen grond naartoe gaat

Naast de verlieskant zijn er drie indicatoren voor de bestemmingskant: hoeveel van de verdwenen vruchtbare landbouwgrond wordt verstedelijking, hoeveel wordt nieuwe natuur, en hoeveel wordt waterberging in het veen. Alle drie eisen dezelfde twee voorwaarden als VerdwenenVruchtbareLandbouw, plus de nieuwe bestemming:

VerstedelijkingOpVruchtbareLandbouwgronden = VerdwenenVruchtbareLandbouw AND verstedelijkt
NieuweNatuurOpVruchtbareLandbouwgronden    = VerdwenenVruchtbareLandbouw AND nieuwe natuur
WaterbergingVeenOpVruchtbareLandbouwgronden = VerdwenenVruchtbareLandbouw AND waterberging

Die eis op VerdwenenVruchtbareLandbouw is er sinds ObjectVision/RSopen #634 en is wezenlijk. Daarvoor maskeerden de drie alleen op ABCD-klasse A, zonder de eis dat de cel ook echt landbouw was en die functie verliest. Een dorp of een bos op klasse A telde dan mee. Voor zichtjaar 2030 van WLO_hoog_NbSGenuanceerd telden de drie daardoor op tot 152.364 hectare, terwijl er maar 133.888 hectare vruchtbare landbouw verdween.

Met de eis erbij komen de drie uit op 13.335 plus 120.238 plus 415 is 133.988 hectare. Daar gaat 144 hectare vanaf die zowel als verstedelijking als als nieuwe natuur telt, zodat er 133.844 hectare overblijft tegen 133.888 hectare verlies. Die dubbeltelling komt doordat de verstedelijkingsindicator de allocatie leest via Sector_rel en de natuurindicator de landgebruikskaart; een cel kan in beide bronnen anders staan.

De drie zijn dus bedoeld om samen op te tellen tot ten hoogste het totale verlies. Wie wil weten hoeveel er op klasse A gebeurt ongeacht het vorige gebruik, moet dat apart uitrekenen; die variant zit niet in de configuratie.

Verwante indicatoren

  • Grondgebruiksverandering: de bestemmingskant zelf, dus verstedelijking, nieuwe natuur en waterberging in het veen, met hun definities en bronnen.
  • VerdwenenLandbouw: alle verdwenen landbouwgrond, ongeacht ABCD-klasse.
  • VerstedelijkingInABCD, NieuweNatuurInABCD, WaterbergingVeenInABCD: per cel in welke ABCD-subklasse de nieuwe bestemming valt.