Landschapsregio

In het project NL2120 leveren vier landschapsteams de ingrepen aan: kust, rivieren, veen en zand. Om uitkomsten per team te kunnen rapporteren is er een landsdekkende regio-indeling met vijf regio’s: kust, rivieren, veen, zand en overig (#705). De regio’s overlappen niet, en samen dekken ze heel Nederland behalve de grote wateren. De indeling staat in SourceData/Landschap.dms als LandschapsRegio.

Gebruik

De indeling is een van de opties van ModelParameters/Advanced/IndicatorRegio_ref, de schakelaar die bepaalt op welke regio-indeling alle indicatorentabellen aggregeren; zie Effectmodules en indicatoren. Met de waarde Landschap krijgt elke tabel een regel per landschap. De keuze raakt alleen de tabellen: de kaarten blijven op celniveau en de landelijke totalen met achtervoegsel _Per_NL staan er los van.

De teamgebieden bepalen de grenzen

De regio’s worden begrensd door de gebieden die de teams zelf aanleveren, en niet door een fysische landschapskaart. Dat is een keuze van de opdrachtgever: een landschap is hier het gebied waarover een team iets zegt.

regio buitengrens ha
kust de drie kustleveringen, duinen, Wadden en Zuidwestelijke Delta 50.388
rivieren de ecotopenlevering plus de behouden dijken 88.480
veen de peilvakkenlaag van de veenlevering 519.783
zand de beekdal- en droogdallevering 220.746

Wat buiten alle vier valt is de regio overig. Die is daardoor de grootste van de vijf, en dat is een bewuste uitkomst: het is vooral het kleigebied, plus het zandige land langs de kust waar geen team een ingreep heeft.

Waar twee teamgebieden elkaar raken geldt een vaste volgorde: eerst kust, dan veen, dan zand, dan rivieren. Rivieren staat achteraan omdat zowel veen als zand voorrang kreeg.

Twee van de vier begrenzingen kennen een alternatief, en dat staat als schakelaar in de configuratie met de afweging in de Descr. Bij veen is dat de vraag of ook de laag zonder peilvak meetelt; die dekt de Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug, hoge zandgrond zonder polderpeil, en hoort in deze indeling bij zand. Het gaat om 10.889 ha, 2,1 procent van het veengebied. Bij zand is het alternatief de grove landschapsomhullende van ruim 3 miljoen ha, die na kust en veen alles zou opslokken wat juist overig moet worden.

De vereenvoudiging

De leveringen zijn grillige polygonen, en bij zand zijn het zelfs tienduizenden losse dalen. Een landschapskaart die daar strak omheen ligt is onbruikbaar. De grenzen worden daarom door de oogharen getrokken, met een straal als knop.

Per cel wordt van elk van de vier landschappen bepaald welk aandeel van de omgeving binnen die straal bij dat landschap hoort. De cel gaat naar het landschap met het hoogste aandeel, mits dat boven een ondergrens ligt; anders wordt de cel overig. Met een kleine straal liggen de grenzen op de leveringen zelf, met een grote straal lopen verspreide polygonen in elkaar over tot een aaneengesloten landschap en verdwijnen enclaves vanzelf.

De berekening staat op 100 meter en niet op de 25 meter van het AdminDomain, omdat een straal van een kilometer op 25 meter een kern van 81 bij 81 cellen over negen miljoen cellen vraagt. Dat is dezelfde afweging als bij de afstandsringen rond het Natuurnetwerk.

Dit is wat de straal doet, in hectares:

straal m kust rivieren veen zand overig verschoven
0 54.279 93.312 543.907 335.263 2.469.959 548
250 65.425 112.512 594.343 592.452 2.131.988 1.530
500 77.948 132.923 630.675 750.933 1.904.242 3.736
700 86.319 145.676 650.333 819.374 1.795.018 5.641
1.000 100.419 167.017 678.621 903.473 1.647.190 8.336
1.500 120.874 197.134 713.169 985.533 1.480.009 11.634
2.000 139.579 223.656 742.839 1.040.736 1.349.910 14.714
2.500 157.203 247.612 769.282 1.073.317 1.249.306 17.617
3.250 180.378 280.796 805.645 1.107.783 1.122.118 20.570
5.000 216.722 336.946 877.203 1.152.748 913.102 28.697

De laatste kolom is hoeveel hectare er een ander landschap krijgt dan in de onvereenvoudigde kaart. Dat blijft klein: zelfs op 5 kilometer is het 28.697 ha, nog geen procent. De vereenvoudiging vult dus vooral de regio overig op en herverdeelt nauwelijks tussen de landschappen onderling.

Het zandlandschap laat zien waarom de vereenvoudiging niet cosmetisch is. De dalenlevering beslaat 220.746 ha aan verspreide polygonen; op een straal van 2 kilometer is de regio zand 1.040.736 ha. De losse dalen lopen samen tot een landschap, en de hoogveenkoppen ertussen worden als enclave opgenomen.

Grote wateren en de bestaande stad

Landsdekkend betekent hier: elke cel binnen de provinciegrenzen behalve de grote wateren volgens de CBS-kaart, plus de cellen daarbuiten waar een team iets doet, zoals de buitendijkse stroken langs de Westerschelde. Waddenzee, IJsselmeer en Noordzee zonder ingreep dragen geen regio en vallen buiten de tabellen, net als het buitenland. Op een straal van 2 kilometer gaat het om 14.364 ha groot water; binnen Nederland blijft geen landcel zonder regio.

De bestaande stad is geen zesde regio maar een doorsnijding. De afbakening is BaseData/Omgeving/BBGSamengesteld, het bestaand bebouwd gebied van het basisjaar. Elke stadscel ligt dus in een van de vijf landschappen, en dat is met opzet: alleen zo is de vraag te stellen hoeveel verstedelijking er in het veengebied plaatsvindt tegenover het zandgebied. Een eigen stadsregio zou elke stadscel uit haar landschap halen en die vergelijking onmogelijk maken.

Eisen aan een regio-indeling

Elke indeling die als optie aan IndicatorRegio_ref wordt toegevoegd heeft een name en een Per_AdminDomain nodig; die twee gebruiken de indicatorensjablonen. Een vectorgeometrie is sinds #705 niet meer nodig: de waterbergingstabellen leiden hun blokindeling op het 500m-grid af als meest voorkomende regio van de onderliggende cellen, in plaats van met poly2grid op de regiogeometrie. Daardoor kan ook een rasterindeling als deze meedoen.

Die blokindeling kent wel een kleine rest. Een 500m-blok dat deels buiten het regiogebied valt krijgt geen regio, terwijl er bebouwd gebied met vraag in kan zitten. Gemeten op de waterbergingsindicator gaat het om 1.930 m3 van 497 miljoen, vier op de miljoen, en het gaat om kust- en grensblokken. Het is niet eigen aan deze indeling: op de landelijke indeling is het met 2.611 m3 iets groter. Of de oude aanpak met poly2grid dezelfde blokken liet vallen is niet gemeten.